Radio 227

Radio 227


Stranding

Ik ben thuis een beetje aan het opruimen. Als ik een bepaalde cd wil draaien, dan zoek ik me een ongeluk. Dat komt, omdat behalve van The Beatles, Stones, Doors, Barclay James Harvest , Moody Blues en Pink Floyd om maar een paar artiesten te noemen, de handel behoorlijk door elkaar staat. Dat is dan lastig zoeken. Destijds kocht ik bij Ikea een grote cd-kast en die zit vol met opnames van bijna alle zeezenders. Deze week slaakte ik een paar diepe zuchten en begon de bovenste lade van de kast leeg te maken. De cd’s van de zeezenders heb ik ontdaan van de zogenaamde ‘jewel cases’ en vervangen door een papieren hoesje. Dat bespaart behoorlijk veel ruimte.
 
Tijdens deze activiteiten zag ik een cd liggen met het opschrift: ‘stranding’. Automatisch belandde ik in de maand april 1973. Ik zag mezelf fotograferen op het strand van Scheveningen. Drie dagen later was de foto ontwikkeld en een week later stond ik mijn posters te verkopen. In de verte zag ik nog twee miezerige mannetjes met het blad Europop staan. De jongste van de twee begon later nog een kloon van Radio Atlantis uit Rotterdam. Frans Nienhuis heeft nog voor zowel de Amsterdamse als de Rotterdamse Atlantis gewerkt.
 
Maar goed, ik dwaal af. Ik zette de cd op en hoorde Arend Langenberg, een van de nieuwslezers van Radio Veronica, die avond melden dat er een zware storm was op zee, maar dat alles goed aan boord was. “Niets aan de hand, alleen wat stormachtig”, zei hij. Vervolgens hoorden we een reclamespot van KIM, de cash and Carry shop – eigendom van medeoprichter van het station,  Slootmans, voorbij komen: “ruim een miljoen malen schonk u ons vertrouwen”. Een tijdje later meldde Ruud Doets, dat de zender uit de lucht moest omdat men van het ankerwerk afwas en naar de kust dreef. De mannen en vrouwen van de opvarenden werden nog even gerust gesteld. Cees van Zijtveld van de publieke omroep  meldde nog even dat de Norderney ‘reddeloos verloren ‘ was en dat hij al op het strand lag tussen Kijkduin en Scheveningen.
 
Vervolgens werd Bull Verweij, één van de directieleden van Radio Veronica, geïnterviewd en Mr. Rosing, dienstdoende Officier van Justitie, meldde dat men niet zou ingrijpen omdat er sprake was van overmacht. Gelukkig kwam de Norderney niet in aanraking met de pieren in zee, anders zou het schip reddeloos verloren zijn. Meteen de volgende dag stond het strand vol met nieuwsgierigen. Hilversum 3 medewerker Paul Meijer (Henk Terlingen) van de gelijknamige Paul Meijer show wilde vanaf de Norderney een programma maken voor Hilversum 3 met de aanwezige bemanning, maar dat werd door zijn bazen verboden. Een voor iedereen duidelijke ‘Godverdomme’ vloek kwam van zijn lippen en dat betekende meteen het einde van zijn toenmalige carrière bij Hilversum 3.
 
Op de televisie was er een leuk onderwerp in het programma ‘Farce Majeure’ van de NCRV over Veronica’s stranding. Later die week meldde Rob Out zich met de mededeling dat men vanaf de Mi Amigo, het zendschip van Radio Caroline, de uitzendingen van Veronica zou hervatten. Nou vraag ik mij af: bleef de kapitein van de Norderney ook, tot de laatste man van boord was, op zijn schip of ging hij er als eerste af. Zoals bekend ging de kapitein van de Italiaanse cruise schip wel snel van boord met het excuus dat hij in de reddingsboot was gevallen en vervolgens vanaf de reddingsboot ‘de zaak coördineerde’. En was er niet een kapitein van een zendschip die zich ook snel uit de voeten maakte?
Een ding weet ik zeker: ik ga van ’s levens dagen niet met een Italiaans cruiseschip varen.

Rob Olthof


De vroege commercialmakers

Enkele jaren geleden kreeg ik een demo toegestuurd die afkomstig was van een productiebedrijf, dat al in de vroege jaren zestig van de vorige eeuw ondermeer reclamespots maakte voor Radio Veronica. Op het moment van beluisteren besefte ik dat het wel een hele vroege vorm van demonstratiepresentatie op een bandje in Nederland dient te zijn geweest. De opname, uit 1963, begon met trompetgeschal gevolgd door een felle stem die zei: ‘De la Mar presenteert radio reclame’. Daarna een andere stem met: ‘Goedendag, ik vertegenwoordig op deze bandopname de afdeling radio, televisie en film van De la Mar. Een afdeling waarin U allen juist nu meer dan ooit in geïnteresseerd bent.’
De stem was afkomstig van Eli Asser en hij vertelde tevens dat zijn assistent Wim Schipper was. Waarom ‘meer dan ooit’ geïnteresseerd in radioreclame? Wel Radio Veronica had haar weg naar de luisteraars gevonden en deze onderneming, opgericht in 1880, richtte zich in eerste instantie op het maken van advertenties voor dagbladen, gevolgd door ondermeer reclamespots voor de adverteerders  in bioscopen. Maar toen vanaf de Noordzee radio met reclame kwam was er een nieuwe weg gevonden de boterham te beleggen. De afdeling werd dan ook beschreven als de ‘nieuwste loot aan de De la Mar stam’.
In ‘Het Algemeen Dagblad’ van 3 augustus 1963 werd aandacht besteed aan de nieuwe tak van De la Mar, een bloeiend bedrijf dat zich was bezig gaan houden met de productie van reclame jingles en gesponsorde programma’s. Niet alleen werkte men voor de Nederlandstalige service van Radio Luxembourg, maar ook voor Radio Veronica. ‘Hoezeer de deelhebbers aan deze branche (de adverterende firma’s, de producenten en de artiesten) ook leven met het begrip geluidsreclame, weet de buitenwacht er weinig of niets van. Men realiseert zich het bestaan van dergelijke reclame pas op het ogenblik, waarop de tientallen transistors op het Noordzeestrand de slagzinnen loslaten op de helblauwe hemel.’
De journalist van de krant, die de initialen ‘WH’ gebruikte, meende dat nog steeds enkele tientallen bedrijven, die deze vorm van reclame maakten, in ieder geval wat Radio Veronica betrof, zich bevond in een geheimzinnig waas van illegaliteit. Dit ondanks dat het radiostation al bijna drie jaren in de ether was. Hij doelde op het gegeven dat tal van artiesten geen contract wenste te ondertekenen als een bepaald bedrijf ze door medewerkers van De la Mar hadden benaderd mee te doen aan een van de programma’s van Radio Veronica. Dit omdat ze, bij accepteren, in conflict zouden komen met de erkende omroepen. Om een duidelijke indruk te krijgen van de radioactiviteiten van het bedrijf had de journalist dan ook een gesprek met Eli Asser: “Het is duidelijk dat reclame op de televisie, in welke vorm dan ook, op den duur haar intrede zal doen. Terwijl iedereen in de zakenwereld - en dus ook in de wereld van de reclame – daarop wacht, zijn wij, bij wijze van overbrugging, begonnen met de radio. Niet dat de radioreclame op den duur zal verdwijnen, dat geloof ik beslist niet. Maar zo belangrijk als ze vandaag de dag is, zal ze niet meer zijn als er eenmaal televisiereclame mogelijk is.”
Aangenomen mag worden dat hij doelde op het verschil in prijsniveau tussen de toen toekomstige televisiereclame en die van de radioreclamespots. De la Mar, en dus ook Radio Veronica, die men destijds vertegenwoordigde naar de zakenwereld, berekende in die tijd een bedrag van twaalf gulden per reclameseconde. Voor een seconde reclame in een programma in het weekend werd 15 gulden gevraagd. In 1963 was de prijs voor een gesponsord programma van een kwartier 500 gulden, terwijl die in het weekend 625 gulden kostte. Uiteraard werden de bedragen voor de klant vermeerderd met de productiekosten, zoals de betaling aan deelnemende artiesten en de studiokosten.
Bekende Nederlanders uit die tijd begonnen een centje bij te verdienen zoals zanger Tom Kelly, die te beluisteren was met een gesponsord programma van Wajang Plantenmargarine. Hierin draaide hij platen uit eigen collectie. Het was vooral Zuid Amerikaanse muziek en hij zong ook altijd zelf een liedje. Het programma duurde per aflevering een kwartier en werd door De la Mar geproduceerd voor Radio Veronica. Een ander voorbeeld was ‘Lion Pops’. Het was een ander gesponsord programma dat op dinsdag en vrijdagmiddag werd uitgezonden en dat door Leeuwenzegel werd gefinancierd. Het bracht voornamelijk de nieuwste top hits, in presentatie van Tineke. Wekelijks kwam er ook een plaatje uit met twee top hits in ‘een niet originele uitvoering’, die verkregen kon worden voor 40 Leeuwenzegels en 1 gulden. Leeuwenzegels kreeg je weer in tal van winkels bij aankoop van bijvoorbeeld je kruidenierswaren of het vlees in de slagerij.
In het programma was een ‘stem van een leeuw’ te horen, die werd vertolkt door Rijk de Gooijer, die trouwens ook een eigen programma bij De la Mar opnam. Het betrof een programma met zonnige vakantietips, gefinancierd door Bayer, die haar product Delial aan de ‘vrouw’ probeerde te brengen. Ook te noemen is een programma, gesponsord door Heinz Soepen, dat werd gepresenteerd op de zondagmorgen door Cor Lemaire en Eli Asser. Tenslotte wil ik het duo Conny Stuart en Ko van Dijk noemen, dat een programma onder de namen ‘Nancy en Mamsie’ presenteerde. Andermaal was het een door Bayer betaald programma, en wel om haar product ‘Aspirine’ te promoten.
De reclamespots, die bij De la Mar werden gemaakt, hadden een minimale lengte van 10 seconden, waarvan werd gesteld dat de korte duur bij herhaling effectief zou zijn. Het werd in de genoemde demo gestaafd door bij herhaling een spot voor het nieuwe ontbijtproduct uit die tijd: ‘Brinta’ te presenteren. Bij Radio Veronica werden sommige spots in 1963 acht tot tien keer per etmaal herhaald. Wel had Asser een duidelijke mening over de rol van de commercials in een radioprogramma: “Ik vind het een kwestie van een eenvoudige code, dat in een radioprogramma voor een commercieel radiostation de reclameboodschap een gescheiden plaats inneemt. Natuurlijk kun je de sfeer van een programma wel aanpassen aan de zaak waarvoor je adverteert. Zonnebrandolie breng je niet in een regenprogramma en oliehaarden niet in een programma over een zomerse dag. Maar voor het overige moet je, bij de productie van dergelijke gesponsorde programma’s, er wel degelijk voor zorgen, dat je de mensen een echt programma voorzet.  Een programma waar ze ongestoord plezier aan kunnen beleven, en waarin de reclameboodschap een duidelijk gescheiden plaats heeft.”
Eli Asser ging ook dieper in betreffende de kwestie dat bepaalde artiesten niet wensten mee te werken, dit om problemen met andere werkgevers in omroepland te voorkomen: “Dat sommigen, die in dienst zijn van de omroepen, aan deze programma’s niet willen en mogen meewerken, vind ik logisch. In geen enkel bedrijf zou men de medewerkers toestaan te ‘schnabbelen’ voor een concurrerende firma. “ Het probleem deed zich echter niet alleen voor bij de omroepmedewerkers, die in vaste dienst van de omroepen waren. Ook een aantal zogenaamde losse medewerkers van de omroepen stelde zich aarzelend op om mee te werken aan de producties van De la Mar. Asser: “Zij durven soms niet goed – al neemt het aantal van degenen, dat wel mee doet, toe. Wij hebben deze mensen uiteraard nodig, zowel voor wat de presentatie betreft als voor muziek en toneel.”
Met het laatste doelde Asser op het uitvoeren van een aantal eenakters, dat hij in opdracht van een adverteerder had geschreven: “Acht korte en geestige schetsen, die worden gespeeld door Ko van Dijk en Conny Stuart. Ze passen in het kader van de ideeën over commerciële radio. Het dient doodgewoon radio op goed peil te zijn, radio waar de mensen niet alleen een achtergrondinstrument van maken, maar ook actief naar luisteren. Vandaar de eenakters. Ik geloof dat de reclame pas waarde krijgt, wanneer ze gemaakt wordt in het kader van goede programma’s – en goede programma’s zijn dan uiteraard niet alleen maar ernstige programma’s.”
Bij De la Mar trachtte men destijds voor de twee actieve commerciële radiostations programma’s op niveau te maken en wel in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven, dat meer en meer het belang van het medium commerciële radio ging inzien.


Het Max Lewin archief

Deel 1
Deel 2


Radio 227

De AVRO bode had het destijds al aangekondigd: er zou weer een nieuw zendschip voor de Britse oostkust komen: de MV Laissez Faire. Er zouden vanaf dat schip twee radiostations gaan uitzenden: Een ervan werd Swinging Radio England, een pop station, de andere werd een easy listening station, Britain Radio. De frequentie 227 m was voor mij een beetje ongelukkig gekozen: veel fading ’s avonds. De andere gebruikte frequentie 355 m was veel beter. Ik kon er ongestoord naar luisteren zonder dat er van fading sprake was. In de lente van 1966 begon het en achteraf kan ik stellen dat het een mooie tijd was.
 
Als luisteraars van de middengolf en de zeezenders kon je toen inmiddels kiezen uit Radio Caroline, Radio London, Radio 227, Radio 355, Radio 270, Radio Scotland, Radio City, Radio 390 en als het een beetje redelijk weer was ving je het signaal van Radio Essex ook nog op. Helaas was het voor de eigenaren van de Laissez Faire, en dus ook de beide radiostations, het in financieel opzicht geen klapper. De stations hadden wel de nodige luisteraars maar de beloofde grote adverteerders bleven uit. Gevolg was dan ook dat er niet alleen naamsveranderingen werden doorgevoerd maar ook nieuwe organisaties en medeeigenaren werden gevonden. Britain Radio werd derhalve Radio 355, Swingin’ Radio England werd Radio Dolfijn. Toen dit Nederlandstalige station ook niet het verwachte succes bleek en het gebrachte rustige format niet aansloeg, werden zowel in naam als format veranderingen aangebracht en werd daarom Radio 227 met een popformat als uitgangspunt.
 
Op 5 augustus 1967, op een zaterdagavond, hoorden we hoe Radio 355 de laatste adem uitblies. Het was even na middernacht toen Tony Windsor de luisteraars, namens de eigenaren en medewerkers vaarwel zei. Zo maar wat van mijn directe privé herinneringen aan deze stations. Anno 2011 gaan ik het natuurlijk hebben over het Webradio station Radio 227;  alsmede radiostation op de kabel in Zeeland. Het huidige Radio 227 heeft het moeilijk. Net zo moeilijk als al die andere commerciële stations in Nederland. Er werd mij verteld dat uitsluitend Radio 538 nog winst maakt. Ex deejay Look Boden van de zeezender Radio 227 had dusdanig goede herinneringen aan zijn tijd op deze zeezender dat hij op latere leeftijd besloot om een easy listening station op te zetten voor de 40+‘ers in Nederland, want het leek een gat in de markt. Via diverse kabelnetten kon je Radio 227 vervolgens beluisteren. 
 
Tja, en toen kwam de crisis. Dit betekende ondermeer minder reclame inkomsten voor Radio 227 en met pijn in het hart moest Look Boden besluiten om diverse kabelnetten in Nederland vaarwel te zeggen. Vervolgens bleef het uitzenden via internet over en een klein deel van de voormalige kabelbedekking. Daar is ANNO 2011 niets mis mee, gezien de ontwikkeling van webradio’s, die je overal in huis kunt neerzetten en bovendien behoef je niet je pc aan te hebben staan.
 
De bedragen, die je als exploitant van een radiostation voor een zendvergunning  moet betalen zijn krankzinnig hoog in Nederland. Ik ontving de correspondentie tussen de minister Marja van Bijsterveldt en het Tweede Kamerlid Haverkamp en Look Boden. Haverkamp schreef aan de minister: ‘Kunt u bevestigen dat een station zoals Radio 227 om te kunnen uitzenden via de kabel bij benadering de volgende kosten moe(s)t maken:
A: Buma Stemra € 15.000,--
B: Commissariaat van de Media € 8120,--
C: Sena € 2500,--
D: Reclame code commissie: € 2941,--
Wat vindt U als minister van deze bedragen?’
 
De minister ging vervolgens advies vragen bij de diverse organisaties hoe deze bedragen werden samengesteld. De Buma Stemra reageerde als volgt: ‘In 2010 konden ongeveer 850 000 kabelabonnees Radio 227 ontvangen. Het station had een gemiddeld muziekgebruik van meer dan 50%, zodat voor de Buma organisatie voor het jaar 2010 de hoogste minimumvergoeding is gefactureerd van liefst € 14.257,05 ( ex btw). Dat is per abonnee per jaar 0,0167.
 
En nu komt het: Buma Stemra hanteert een tarief bestaande uit een percentage van de omzet, waarbij het percentage afhankelijk is van de hoeveelheid muziek die wordt gebruikt, met een bepaald minimum. Daarnaast geldt een minimum tarief dat afhankelijk is van het aantal aansluitingen en het gemiddelde muziek gebruik, hetgeen is uitgewerkt in staffels. Met andere woorden: Buma Stemra kijkt niet naar het aantal luisteraars van een station, maar naar het aantal aansluitingen. En dat dit nog: gemiddeld zijn er 35 radiostation op de analoge kabel en dat betekent, ongeacht of men naar een bepaalde station luistert of niet, gemiddeld 35 maal per huisaansluiting hetzelfde bedrag gevangen wordt.
 
“Ja”, zult u zeggen: “maar hoe bereken je dan het aantal luisteraars?” Door een eerlijk en onafhankelijk marktonderzoek te doen, en niet door middel van een luisterboekje o.i.d. onder een deel van de bevolking en gefinancierd door de grote radiostations te verspreiden. Betaal je als eigenaar van een radiostation niet mee dan mag je ook niet in het luisteronderzoek meedoen. Dat lijkt me in dit geval gemakkelijk, omdat bijvoorbeeld Radio 5 een marktaandeel heeft van 2,8% in de vrije ether. Dus je kunt ervan uitgaan dat een handicap, als luisteren via de kabel, op misschien hooguit 150 000 luisteraars komt.
Toch nog een mooi aantal, vindt u niet?
 
Begin dit jaar liet de directie van Radio 227 weten aan de Reclame Code Commissie dat het aantal kabelaansluitingen was gedaald tot 155.000 gezinnen. Het zal duidelijk zijn dat niet in alle bovengenoemde huishoudens naar Radio 227 luisteren. Het resultaat van de correspondentie die minister Van Bijsterveldt heeft gehad met Buma Stemra, (soepel als een blok beton en nog steeds verwijzende naar hun tarieven gebaseerd op de aansluitingen via de contactdoos), Sena en Commissariaat van de Media is dat er voor 2012 sprake kan zijn van versoepelde regels.
 
Want wat is het verschil tussen Radio 227 en bijvoorbeeld Radio 5? Een groot verschil vind ik. Deze stations zijn allebei leuk, maar wel verschillend. Een orkest of de Kinks of the Rolling Stones  hoor je nauwelijks op Radio 5. Een artiest uit de jaren veertig van de vorige eeuw hoor je er ook niet. Daarvoor (maar ook voor de goede hedendaagse muziek)  dien je bij Radio 227 te zijn. Daar hoor je bijvoorbeeld de muziek van orkesten als die van Raymond Lefevre, Mantovani, Caravelli en Stanley Black. Soms ook een goed rock ’n roll nummer en dus kortweg kun je stellen dat Radio 227 heel breed geprogrammeerd is. Elk jaar kijken Hans Knot en ik bij de grote muziekzaak HMV in de Oxfordstreet in Londen uitgebreid rond op de easy listening afdeling en vragen ons ook af of er nog cd’s van bovengenoemde artiesten te koop zijn. Mantovani wel, Stanley Black soms, Raymond Lefevre en Caravelli, zijn al ruim 20 jaar niet meer verkrijgbaar op CD. Dat laatste werd mij een jaar of wat geleden verteld door en medewerker van de platenzaak Virgin Records in Nice. Nee meneer, die orkesten hebben wij niet meer op cd. Al sinds 1990 niet meer. Wilt de muziek van deze orkesten toch horen? Luister dan naar Radio 227. Veel succes Look!

ROB OLTHOF


Inhoudelijke veranderingen Freewave Media Magazine

Beste lezers van het Freewave Media Magazine en andere geinteresseerden

In die drieëndertig jaar is er veel veranderd in het radiogebeuren. Er zijn geen zeezenders meer en daarvoor is in de plaats gekomen onder andere de internet radio en satellietradio. De digitale techniek van cd’s en dvd’s dendert voort in deze wereld. Waren we vroeger blij met cassette bandjes, thans is alles digitaal en je kunt alles kopen in superieure kwaliteit. Internet deed zijn intrede. Dankzij internet kon onze hobby zich enorm uitbreiden. Dankzij internet konden mensen als Hans Knot de wereld over mailen en contact zoeken met de mensen achter de toenmalige zeezenders en daar hebben wij de afgelopen jaren de vruchten van geplukt.
 
Tot heden heeft de redactie van de uitgever van het Freewave Media Magazine aan deze digitale omwenteling niet mee gedaan.
 
Nu is de tijd rijp om wel mee te doen aan deze omwenteling en wij zullen u vertellen waarom.  Op het moment dat het gedrukte nummer verschijnt is deels het nieuws al verouderd. Het Freewave Media Magazine  moet met zijn tijd meegaan en dus hebben wij besloten om met ingang van 1 januari 2012 uitsluitend digitaal verder te gaan. Dat is voor u en voor ons een enorme kostenbesparing en wij kunnen dichter op het nieuws zitten! Wel blijft de kracht van Freewave Media Magazine bestaan door de verhalen van Hans Knot en dj’s!
 
Wat zijn wij van plan?
 
Lezers van Freewave Media Magazine kunnen vanaf januari 2012 6 x per jaar een pdf file ophalen van de website Freewave Media Magazine in digitale vorm. Daarvoor betaalt u -inclusief de toegang tot de radiodag- slechts € 14 voor.
Komt u niet naar de radiodag dan kost een abonnement op Freewave Media Magazine € 6 per jaar.
 
Wij verrekenen het digitale abonnement met het reeds betaalde abonnement van het papieren Freewave Media Magazine.
 
Niet Freewave Media Magazine lezers ontvangen van ons een reclame inzake het nieuwe Freewave Media Magazine via de mail.
Zij ontvangen 2 bladzijden als “teaser”.
 
Gelieve ons dan ook uw e mail adres door te geven zodat wij u kunnen melden wanneer u via de Freewave Media Magazine website het nieuwe Freewave Media Magazine kunt downloaden.
 
U kunt ervan op aan dat alle hotnieuws extra via de mail tot u komt.
 
Door deze nieuwe opzet bent u minder geld kwijt en ontvangt u toch uw Freewave Media Magazine.
Hans Knot en de andere redacteuren zullen er alles aan doen op de kwaliteit die u van ons gewend bent, te blijven leveren.
 
Vriendelijke groet,
Hans Knot
Rob Olthof  


The sound of the Nation

Jan Fre Vos is door zijn archief gegaan en heeft een pocket
samengesteld van 94 pagina's (95% in de Nederlandse taal) over
Caroline in de jaren 1964 tot en met 1968.
De pocket kost (incl. verzendkosten) € 7,50


 


Word Vriend van Stichting Castraatje
Uw hulp is essentieel voor onze Stichtingswerkzaamheden en helpt ons verder helpen  

Regelmatige donaties maakt meer hulp mogelijk. Stichting Castraatje, gelieerd aan Stichting Hart voor Kansloze Dieren wordt niet gesubsidieerd en is volledig afhankelijk van giften of donaties en sponsors, uiteindelijk maken die het ons mogelijk ons werk voort te zetten. Het zou geweldig zijn als U onze neutralisatieprojecten wilt steunen.
 
Wij zijn een praktische organisatie die door de hulp van vrijwilligers tegen zeer lage kosten werken. Beide Stichtingen zijn erkend als goede doelen, dit betekent dat giften en donaties die U rechtstreeks, zelf of via Ideal aan ons overmaakt dus belasting aftrekbaar zijn. U laat zo de fiscus meebetalen aan het goede doel. Raadpleeg daarvoor uw belastingadviseur of de belasting telefoon, want een en ander is afhankelijk van uw inkomen.

Direct online doneren via Internet:
Snel, gemakkelijk en veilig.
U komt in uw eigen telebank omgeving!